Armando en Van Lieshout

door Jan-Willem van Lieshout

Op zondag 27 november 2011 hield Jan-Willem van Lieshout, voorzitter van het Armando Genootschap, een speech bij het vertrek van de Armandocollectie van Amersfoort naar Utrecht. Hieronder de integrale tekst van die toespraak. 

Op de een of andere wijze is er tussen het Armando Museum en mij een bijzondere, zelfs wat onheilspellende band. Toen ik 4 jaar geleden naar de binnenstad van Amersfoort verhuisde, brandde 4 dagen daarvoor De Elleboogkerk af. Toen ik anderhalf jaar geleden voorzitter van het Armando Genootschap werd, werd een week of 2 later aangekondigd dat het Armando Museum zeer waarschijnlijk haar deuren in Amersfoort zou gaan sluiten.

Liefhebbers van het werk van Armando hebben zich verenigd in het Armando Genootschap. Omdat ze houden van zijn bronzen beelden, zijn verhalen of gedichten, zijn beschilderde vazen of zijn grote schilderijen of tekeningen. Er zijn mensen die helemaal niets met zijn werk hebben en mensen die er van overlopen. Hoe dan ook, vooral de schilderijen van Armando zetten aan tot nadenken en overpeinzing over historie en toekomst. Daarom was die verbondenheid van deze 2 A’s zo bijzonder. Die van Amersfoort, die van Armando.

Helaas en zeer tot mijn spijt, lijkt het er op dat dit museum Amersfoort echt gaat verlaten. Maar Amersfoort en Utrecht moeten daartoe nog wel formele besluiten nemen. Er zijn leden die uit protest hun lidmaatschap van het Genootschap hebben opgezegd. Jammer want het Genootschap volgt alles helaas ook maar op afstand. Die leden zijn boos en gefrustreerd over het feit dat er in hun ogen over de toekomst van het museum verkeerde besluiten zijn genomen. Het Genootschap heeft op tal van momenten bij de verantwoordelijke wethouder voor Cultuur (de voorganger van wethouder Pim van den Berg, hier vandaag aanwezig) gepleit voor behoud van het museum. Maar er was geen klik. Een niet zo zakelijk argument was “ik heb niets met het werk van Armando en het is te elitair” en een iets meer zakelijk argument dat er nu eenmaal binnen het kader van financiële beperkingen keuzes gemaakt moeten worden.  Dat laatste begrijp ik wel. Maar er zijn ook keuzes gemaakt met een financiële impact die vele malen groter is dan de instandhouding van dit museum.

De gemeente Amersfoort heeft jaren geleden mede het initiatief genomen om een museum in te richten voor het werk van en te vernoemen naar Armando. Dat is bijzonder want dat overkomt maar weinig kunstenaars bij hun leven.  Amersfoort heeft ook het initiatief genomen  om nog bij leven van Armando dit museum weer te sluiten.  Sprekend voor mijzelf maar ook de geluiden horend van veel leden, kan dit dus op weinig begrip rekenen.  Ook het grote gat tussen sluiting vandaag en de start van het nieuwe museum levert onbegrip bij tal van leden op. En het Genootschap, als vrienden van het werk van Armando, heeft juist alle belang bij een zo optimaal mogelijke continuïteit. Out of sight is out of mind dreigt een beetje deel van ons en de omvangrijke Armando-collectie te worden. 

Diverse leden hebben in recente brieven aan o.a. het college van B&W van Amersfoort en het Genootschap gewezen op de bijzondere banden tussen het werk van Armando en de geschiedenis van Amersfoort in de 2e Wereldoorlog. Een van onze Genootschapsleden, mevrouw Huisman-van Dijk, is daar heel duidelijk in. Zij schrijft en ik kan mij daarin heel goed vinden, sprekend over het doorgaans weinige besef over wat er in WOII o.a. in Amersfoort gebeurd is. Ik citeer: “En nu gebeurt het dus weer: wéér wordt alles wat herinnert aan die oorlog van toen (en van nog altijd) aan de kant geschoven, zonder pardon, zonder historisch besef, zonder enige kennis van historische verbeelding, zonder begrip voor KUNST, in hoofdletters ja. En vooral ook zonder visie op de behoeften van jongere en toekomstige generaties.  Die cultuurhistorische betekenis van het werk van Armando dient in kapitalen te worden behoed en beheerd, op de plaats die haar toekomt; in de stad van haar oorsprong, al reikt haar uitstraling tot nog zó ver over onze Nederlandse grenzen (einde citaat)”.

Ik heb wel gemerkt dat directie en staf van het Armando Museum en bestuur van de Armando Stichting echt keihard hun best doen om de Armando-collectie weer een plaats te geven in een cultuurhistorische context. Dat moet dan worden het Museum Oud Amelisweerd in Utrecht. Ik wens jullie daar alle succes bij.  Dank voor wat jullie daarbij al hebben gedaan en nog gaan en moeten doen om dat mogelijk te maken.

Maar vooral en heel nadrukkelijk wil ik een woord van dank en waardering uitspreken aan het adres van de vele vrijwilligers die met liefde voor het werk van Armando zich in al die jaren hebben ingezet om het werk en de vele exposities over Armando en de partners waarmee duo-exposities zijn gemaakt aan een groot publiek uit te leggen. Aan jullie ligt het echt niet dat het museum moet wijken. Integendeel, het bestuur van het Armando Genootschap is jullie grote dank verschuldigd. Voor de vrijwilligers hebben wij een fles wijn als dank beschikbaar.  Als de vrijwilligers nu zouden willen gaan staan of gaan zwaaien kunnen wij jullie ook nog een groot applaus geven.

Tot slot, een woord van dank aan het adres van de man waarom alles draait, Armando zelf. Jouw oeuvre is zo uitgebreid dat het niet alleen in Amersfoort te vinden is. Bij Kröller Möller en op tal van andere plekken in en buiten Nederland is werk van Armando te zien en te horen.  Jouw verkiezing in 2008 tot Briljanten kunstenaar van dat jaar zegt alles. Armando, jouw naam staat voor een overtuiging en voor perfectie. Die grote veelzijdigheid zullen we in Amersfoort echt gaan missen. En ik ben ervan overtuigd dat dit ook een gemiste kans voor Amersfoort zal zijn.

Het Armando Genootschap wenst Armando en het museum voor de toekomst alle goeds!

bijsluiter

Jan-Willem van Lieshout is nog steeds voorzitter van het Armando Genootschap.

opmerkingen