Als ik in een stad loop, of dat nou Amersfoort is of een andere stad, gebruik ik vaak Google Maps. Om het adres te vinden waar ik met iemand afgesproken heb, een café te vinden om koffie te drinken, een restaurant te ontdekken om te gaan eten, de openingstijden van een winkel opzoeken. Handig, maar ik vind het ook al jaren ongemakkelijk. Zodra de app opent krijgt Google inzicht in mijn gedrag. Het bedrijf logt op welke plekken ik kom, waar ik naar op zoek ben, welke routes ik loop. Elke keer dat ik Google Maps gebruik maak ik het bedrijf waardevoller, omdat ze met meer gegevens over jou en mij, betere dataprofielen kunnen maken die ze kunnen verkopen aan adverteerders en daar baal ik van. Vooral omdat de wereld van data brokers, datahandelaren in het Nederlands, een volstrekt ondoorzichtige markt is, terwijl dat soort bedrijven zeer gedetailleerde profielen samenstellen die door adverteerders, maar ook kwaadwillenden, gekocht en gebruikt worden.
Maar ik weet ook dat er al lang een niet-commercieel alternatief beschikbaar is. Een kaart die je kunt raadplegen zonder dat er gegevens over je worden verzameld. Waarom gebruik ik dat dan niet? Dat is een vraag die ik voor mezelf wilde beantwoorden, want databewuste burger als ik ben, blijkbaar zijn er nog teveel redenen waarom Google Maps het wint van het alternatief.
OpenStreetMap, net zo oud als Google Maps
Het alternatief waar ik het over heb heet OpenStreetMap (OSM) en is ongeveer net zou oud als het commerciële Google Maps. In 2004, begon oprichter Steve Coast met het project OpenStreetMap, omdat destijds het nationaal agentschap van het Verenigd Koninkrijk hun kaartgegevens niet onder vrije licenties wilde uitgeven. Uit frustratie ging Coast met een GPS tracker door Londen fietsen om zelf straten in kaart te brengen. Het project groeide en twee jaar later werd de OpenStreetMap Foundation opgericht om het vrije gebruik van 'geospatial' data te stimuleren. Ook in Nederland waren mensen actief met GPS trackers. Zo meldde Dagblad van het Noorden op 19 juni 2007 trots dat Assen als eerste compleet op de kaart stond dankzij het werk van Richard van der Weerd en Henk Hoff, die met GPS trackers alle straten doorreden met fiets en auto. Mede dankzij de donatie in 2007 van gegevens door het Nederlandse bedrijf Automotive Navigation Data (AND) was de gedetailleerdheid van de Nederlandse wegen al snel groot. Sinds die begintijd zijn er meer en meer kaartgegevens toegevoegd, vooral dankzij open geodata van overheden (zoals de BAG), maar ook door een grote groep gebruikers die als vrijwilliger gegevens op de kaart bewerken, aanvullen en actueel houden. Om je een idee te geven, begin 2026 zijn er meer dan tien miljoen geregistreerde gebruikers van OpenStreetMap, mensen die met zo'n account ook wijzigingen kunnen doen aan de kaart.
Er is dus al twintig jaar gebouwd aan een kaart door en voor de gemeenschap. Het is daarmee net zo'n bijzonder project als Wikipedia. Dat werd in 2023 onderstreept, toen de Digital Public Goods Alliance OpenStreetMap aanmerkte als een digitaal publiek goed.
De laatst overgebleven app van Google: Maps
Ongeveer tien jaar geleden ben ik gestopt met het actief gebruiken van Google producten, juist vanwege mijn aversie tegen de datahonger van die organisatie. Behalve dus met Google Maps. Elke keer als ik de app open, voelt dat als een knieval richting deze techgigant. De omslag naar digitale soevereiniteit en autonomie heb ik omarmd in mijn werk en voel me daarom moreel verplicht het goede voorbeeld te geven. Ik ben echter ook een realist, opgeleid in de gedragswetenschappen, dus weet dat verandering langzaam gaat, met kleinere stappen dan je zou willen of soms helemaal niet lukt.
Zo weet ik zeker dat ik jaren geleden al eens een account aangemaakt heb om gegevens in OpenStreet te wijzigen. Hoe enthousiast ik ook was, na die dag heb ik er nooit meer op ingelogd en dus niet één aanvulling of wijziging gedaan. Door de toenemende onrust in de VS ben ik m'n eigen gedrag opnieuw onder de loep gaan nemen. In de afgelopen tien jaar heb ik al afscheid genomen van Google Docs en Drive ten faveure van Nextcloud, gebruik ik m'n Google mailadres nergens meer (ook niet om in te loggen bij andere diensten), zoek via andere zoekmachines dan Google en gebruik ook andere browsers dan Chrome, kortom, bijna alle Google producten zijn uit mijn dagelijks leven verbannen. Als enige overgebleven app van Google is Maps blijven plakken op mijn telefoon. Dat wilde ik toch echt anders, dus ongeveer anderhalf jaar geleden downloadde ik een app gebaseerd op OpenStreetMap, zette die op het beginscherm van m'n telefoon en plaatste Google Maps twee schermen verderop om het openen ervan moeilijker te maken. Sinds die tijd heb ik m'n eigen gedrag goed in de gaten gehouden. Wanneer gebruikte ik de OpenStreetMap-app? Wanneer had ik Google Maps nodig?
Ik heb Google Maps vaker nodig dan me lief is
Ook al was het extra werk om Google Maps te openen, toch greep ik er heel vaak op terug. Waarom gebeurde dat?
De apps die ik tot nu toe geprobeerd heb, Organic Maps en Guru Maps, bleken vaak niet de gegevens te bevatten die ik op dat moment nodig had. Als ik door een stad navigeer, zeker een stad waar ik niet zo bekend ben, zoek ik naar dingen als openingstijden, restaurants, winkels. Waar zit die winkel ook al weer? Is die nog open? Is dit restaurant alleen 's avonds open of kan ik er ook lunchen? Ik heb wel zin in pizza, zit er een pizzeria hier in de buurt? Vooral openingstijden ontbreken in de meeste gevallen. Dat ligt overigens niet aan de apps zelf, die halen de data op die beschikbaar zijn. Als de gegevens niet aan de OpenStreetMap database zijn toegevoegd, kan een app ze ook niet laden.
Dan merkte ik dat zoeken in de apps kwalitatief minder goede resultaten geeft dan in Google Maps. Niet zo gek natuurlijk, want zoeken en vinden is de kernexpertise van een zoekmachine expert. Wat ik bijvoorbeeld ontdekte is dat verschillende apps bij het zoeken op hetzelfde trefwoord verschillende zoekresultaten laten zien. Als ik op 'boekhandel' zoek in Organic maps, dan krijg ik meer resultaten terug dan in Guru Maps.

Het lijkt erop dat Guru Maps naar exacte overeenkomst zoekt in de naam van een bedrijf en niet zoekt op de categorie boekhandel of boekwinkel. Daardoor krijg je vestigingen van bijvoorbeeld Bruna, die toch ook echt boeken verkopen, niet in het zoekresultaat terug. Organic Maps is daarin slimmer, want die kijkt naar de categorie boekwinkels waardoor een Bruna vestiging wel getoond wordt. De app die je gebruikt bepaalt dus een groot deel van je gebruikerservaring. Hoe anders is dat voor Google Maps. Daar is maar één app en die is voor iedereen hetzelfde.
Dan laat de interface ook regelmatig te wensen over en dat gaat verder dan wennen aan een nieuwe app. Elke keer als ik Guru Maps open en naar een plek ga door met twee vingers in te zoomen, verschijnt er een hemelsbrede afstandslijn in beeld. Behoorlijk irritant, vooral omdat deze lijn vaak blijft staan en het niet duidelijk is waarom deze verschijnt of hoe je deze laat verdwijnen.

In Organic Maps heb ik vaak geprobeerd een route te plannen tussen twee adressen, maar kreeg ik het niet voor elkaar het startadres te wijzigen naar iets anders dan de huidige GPS-locatie. Tot voor kort zat er ook geen optie in om een tussenstop in de route toe te voegen. In de afgelopen paar maanden is er blijkbaar hard gewerkt aan verbeterpunten, want na een recente update zijn veel van de knelpunten die ik ervaarde bij gebruik van Organic Maps verbeterd of opgelost.
Soms doen de apps ook andere vreemde dingen. Bij het schrijven van dit artikel kwam ik er achter dat Guru maps de instellingen van mijn iPhone niet lijkt te respecteren. Het uitschakelen van de locatievoorzieningen, oftewel de GPS uitzetten, voorkwam niet dat mijn actuele positie met een prachtig blauw bolletje werd afgebeeld in de app. Best lastig als je een screenshot ter illustratie wilt maken bij een artikel, maar je eigen locatie niet wilt laten zien.
Kortom, de apps zijn nog wat minder compleet en hebben meer bugs. Ik ben zelf behoorlijk tolerant voor imperfecties in dit soort apps, het kost immers heel veel inspanning om ze te maken en open source ontwikkelaars doen dit veelal als onbetaald werk. Daarom accepteer ik met liefde als iets niet perfect werkt. De meeste mensen zullen die tolerantie echter niet hebben, raken er door geïrriteerd en verwijderen een dergelijke app meteen weer. In mijn ogen zijn OpenStreetMap-apps dan ook nog niet geschikt voor gebruikers die gewend zijn aan frictieloze interfaces, geperfectioneerd door grote, betaalde, multi-disciplinaire teams in organisaties die niet hoeven te letten op een miljoen meer of minder.
Wie file-informatie nodig heeft, moet iets anders gebruiken
Onlangs vroeg ik in mijn Mastodonnetwerk rond welke app zij gebruiken voor navigeren in de auto. Daar was het een mix van Google Maps, Apple Maps, ingebouwde navigatie, Waze, TomTom en, niet geheel onverwacht in mijn voorgeselecteerde, digitaal bewuste netwerk, apps gebaseerd op OpenStreetMap. Bij doorvragen blijkt die laatste groep het voor lief te nemen dat file-informatie ontbreekt bij routeplanning. Verkeersdata is een van de belangrijkste redenen waarom veel mensen Google Maps, Apple Maps of andere commerciële navigatie-apps elke dag gebruiken. Zelf gebruik ik in de auto TomTom, mede ingegeven door het redelijk oude navigatiekastje dat in mijn nog veel oudere Volvo geplakt zat die ik tot voor kort reed, beide aangeschaft in een periode dat mobiele databundels onbeschikbaar of heel duur waren. Sinds aanschaf van een nieuwere auto in 2025 gebruik ik de app-versie van TomTom, simpelweg omdat ik al zo vertrouwd ben met de interface en dus niet hoef te zoeken naar de juiste knoppen in het scherm terwijl ik aan het rijden ben. En, niet onbelangrijk, het is een Nederlands bedrijf wat betekent dat het binnen de Nederlandse en Europese wetgeving moet opereren. Maar gek genoeg, als TomTom een file meldt, open ik meestal ook nog Google Maps op m'n telefoon om snel een overzicht te krijgen. Waar staat die file dan precies? En welke alternatieve routes heeft Google bedacht? Komt dat overeen met TomTom? Het scherm van een telefoon is toch veel beter om in- en uit te zoomen dan het scherm in mijn vier jaar oude Volkswagen.
OpenStreetMap is een kaart voor relatief statische informatielagen, informatie die traag verandert. Verkeersdata moet realtime worden verzameld. OpenStreetMap doet dat logischerwijze niet. Die richt zich erop dat de informatie op de kaart zo correct mogelijk is. Ontwikkelaars kunnen vervolgens de kaarten van OpenStreetMap gebruiken om apps te maken die een bepaald publiek bedient. Wie een navigatieapp wil ontwikkelen met live data, zoals file-informatie, mag de kaarten integreren in de app (zoals TomTom inmiddels ook doet), maar de verkeersdata moet uit een andere bron komen. Daar is namelijk een heel andere dataverzamelinfrastructuur voor nodig die heel kostbaar is. Google kan diep in de buidel tasten voor een dergelijke infrastructuur en het je gratis aanbieden in de app, omdat je bij gebruik ervan je persoonlijke dataprofiel verrijkt, waarmee de verkoopwaarde van al die verzamelde dataprofielen stijgt. TomTom kan de infrastructuur en medewerkers betalen door abonnementen te verkopen aan consumenten, maar vooral door contracten te sluiten met autofabrikanten en bedrijven zoals Microsoft. Je begrijpt, voor een gemiddelde open source ontwikkelaar van kaartenapps is het onhaalbaar live verkeersdata toe te voegen als dienst. Voor zover ik heb kunnen vinden is er geen enkele volledig op OpenStreetMap gebaseerde app die live verkeersdata heeft geïntegreerd, ook niet tegen betaling.
Tijd om zelf bij te dragen om OpenStreetMap completer te maken
Ik snap inmiddels beter waarom het me tot nu toe niet is gelukt Google Maps definitief te verwijderen van mijn telefoon. Er is geen 'one map app to rule them all' die als open source tegenhanger voor Google Maps kan dienen. Voor de manier waarop ik kaartenapps gebruik ontbreken er nog teveel gegevens en voor autonavigatie wil ik hoe dan ook een app gebruiken die file-informatie toont. Dat neemt niet weg dat op al die momenten dat ik niet in de auto zit en een navigatie-app wil gebruiken, of dat nou te voet of als fietser is, een OpenStreetMap-app in principe een uitstekend alternatief moet kunnen zijn, maar dat het nog net niet goed genoeg is. Heel veel gebruikers van OpenStreetMap hebben de apps vooral geïnstalleerd om mooie wandel-, hardloop- en fietsroutes uit te stippelen. Juist ook omdat het mogelijk is de kaarten te downloaden voor offline gebruik, zodat je altijd kunt navigeren, ook op plekken waar geen datadekking is. Zo fietste ik afgelopen zomer foutloos een week door Drenthe langs verschillende hunebedden dankzij routes die ik in Organic Maps had toegevoegd. Als ook gegevens als openingstijden van horeca en winkels beter worden aangevuld, heb ik aan een app als Organic Maps en TomTom genoeg en kan eindelijk ook die laatste Google app van mijn telefoon af.
Het goede nieuws is dat ik daar zelf invloed op heb. OpenStreetMaps is een community gedreven project en dat betekent dat je het succes ervan zelf kunt beïnvloeden. Velen doen dat al, ook in Amersfoort, en nu wil ik zelf mijn steentje bijdragen. Daarom heb ik een nieuw account aangemaakt en daadwerkelijk een eerste aanvulling in OpenStreetMap gedaan. Ik voegde de openingstijden, de aanwezigheid van wifi en terras toe van een koffietentje dat ik regelmatig bezoek. In de komende weken ga ik mijn eigen wijk completer maken, net als de plekken waar ik veel kom. Maar ik kom natuurlijk op maar een beperkt stukje van Amersfoort.
Deze plek wil ik dan ook gebruiken om jou als lezer van de Stadsbron uit te nodigen ook gegevens in OpenStreetMap aan te gaan vullen. Veel mensen om mij heen praten over het probleem van big tech en hun afhankelijkheid ervan. OpenStreetMap actueel maken en gebruiken is een manier waarop je ook daadwerkelijk in actie kunt komen. Als in elke wijk, elk dorp, elke stad veel meer mensen actief gaan bijdragen, is het een peulenschilletje om de informatie compleet te maken en actueel te houden. Immers, op de plekken waar je zelf vaak komt is het weinig moeite om verandering waar te nemen en aan te passen. Nieuwe winkel in de wijk? Zet 'm op de kaart. Openingstijden van een café ontbreken? Voeg ze toe. En nog beter zou het zijn als eigenaren van bedrijven zichzelf op de kaart zetten, net zoals ze hun informatie wel bij Google actueel houden.
Voor wie meteen aan de slag wil, hier maak je een account aan bij OpenStreetMap. Voor wie enthousiast is, maar niet weet hoe te beginnen, 5 februari organiseert De War, van 19:30 tot 21:30, een workshop waarin je de juiste tools aangereikt krijgt, je al je vragen kunt stellen en meteen aan de slag kunt om Amersfoort compleet te maken. Ik zal daar ook zijn en hoop op veel belangstelling en mede-nieuwkomelingen. Hoe meer mensen de kaart blijven bijwerken, des te sneller kan ik die laatste Google app ook voorgoed van m’n telefoon kan verwijderen.